vrijdag 3 augustus 2018

JEZUS CHRISTUS BRON VAN LEVEND WATER




JEZUS CHRISTUS BRON VAN LEVEND WATER:

 
"Drinkt aan de stroom en eet uit de boomgaard van Gods Genaden.”

De ziel in staat van ongenade is als een mens die bijna sterft van dorst. De genade is als het verfrissend water dat opnieuw tot leven wekt; Uw eigen wil is als het drinken ervan. Zolang u niet drinkt, baat het u niet dat het water aan uw voeten voorbij stroomt. Dit alles beantwoordt reeds grotendeels de vraag, waarom een mens onder lasten gebukt gaat. Het ontbreekt u nooit aan middelen om het ware Leven van uw ziel in stand te houden: U hebt daartoe de uitrusting ontvangen (het leven zelf, en alle vermogens van ziel, geest, hart en lichaam om het met vrucht te leiden), alsook de handleiding, de gebruiksaanwijzing (de ware Leer van God in de Woorden van Christus en de woorden van de Heilige Geest die spreekt door Zijn heiligen.) Hoe beperkt ook uw vermogens als mens, hoe groot ook uw zwakheden, en hoe drukkend ook uw levensomstandigheden, uw ziel zal niet 'onder lasten gebukt gaan' zolang zij op God gericht leeft, omdat zij dan voortdurend drinkt aan de stroom en eet uit de boomgaard van Gods Genaden, die uw leven 'leefbaar' maken.
God heeft uw ziel geschapen en haar in een stoffelijk lichaam in de wereld gezonden voor een leven dat beperkt is van duur. Hij heeft u de beschikking gegeven over vele hulpbronnen, en voor deze welke Hij op een gegeven ogenblik in uw leven (nog) niet voor u ontsloten heeft, wijst Hij u de weg om de sleutel te vinden die ze voor u kan openen. Genade is niet alleen wat u krijgt, Genade is ook alles wat u de weg wijst om het te bekomen. De eerste vorm van genade is louter gave of geschenk, de tweede vorm is de schatkist van de verdienste, die uiteindelijk uw gezellin zal zijn wanneer u na dit leven door de Goddelijke Gerechtigheid geoordeeld wordt. Aan genaden ontbreekt het nooit. De mens die beweert dat hij niet de genaden ontvangt om van zijn leven het beste te maken, heeft Gods Liefde niet herkend noch begrepen. De enige maatstaf waarmee u kunt meten of u het beste van uw leven maakt, is de weg die u bewandelt om de Eeuwige Gelukzaligheid te verdienen, de wijze waarop u deze weg bewandelt, en de ingesteldheid van uw hart tijdens deze reis. Waaraan het wél kan ontbreken (en dit is bij heel veel zielen het geval) is de wil om uit de stroom der Genaden te putten. Het is door deze inspanning dat u de genaden voor u tot nut maakt. Elke inspanning waardoor u een genade in uw ziel poogt in te bouwen (anders gezegd: Elke inspanning waardoor u daadwerkelijk uit de stroom der Genaden drinkt) is het resultaat van een op-God-gericht-leven. Dit kan in vele gradaties. Vele zielen wenden zich nooit tot God, andere doen dit af en toe, nog andere stellen God in alles centraal. Zij die zich nooit tot God wenden, leiden een leven dat totaal op de wereld gericht is, en zij stellen gewoonlijk zichzelf, hun eigen persoon en noden, tot middelpunt van al hun handelen, denken, voelen, willen en streven. Zij die zich af en toe tot God wenden, zijn de zoekenden, die er in zekere mate rekening mee houden dat God bestaat, doch wier hart nog dermate in de wereld geworteld zit dat zij Hem slechts beschouwen als één van vele bronnen van geluk, verlichting en bevrediging. Het ontbreekt hen zowel aan inzicht als aan Liefde om God te zien voor wat Hij werkelijk is: de enige Bron van alle Leven en Geluk. Zij die zich in alles tot God wenden, leiden een leven dat volkomen en totaal op God gericht is. Deze levenshouding bereikt haar volmaaktheid in de totale, onvoorwaardelijke en eeuwigdurende toewijding, die haar grootste diepgang en haar meest volkomen begeleiding en bescherming vindt in de totale toewijding aan de Heilige Maagd.
Het volkomen op God gericht leven, is de weg naar ware bevrijding, innerlijke rust, de weg langs dewelke God en Zijn Genade binnenkomen. Het Evangelie verhaalt hoe de apostelen kort na de Verrijzenis bij elkaar waren in het cenakel te Jeruzalem, en hoe Jezus binnenkwam hoewel de deuren gesloten waren. Beschouw dit beeld en wat hier mede achter schuilgaat. De apostelen hadden alle deuren gesloten uit vrees voor de joden. U zou het zo kunnen zien dat de joden hier symbool staan voor alles wat werelds is. Elke ziel in het land van Israël, die zich na de verkondiging van Jezus’ Leer en Zijn Dood en Verrijzenis niet tot de nieuw geopenbaarde, enige Waarheid van God, het christendom, had bekeerd, bleef jood. 'De joden' kunt u hier dus beschouwen als symbool voor alles wat niet op God gericht is. In feite hadden de apostelen zich dus afgesloten voor alles wat werelds was. Zie bovendien hoe Jezus alle wereldse barricades (de gesloten deuren) doorbreekt om binnen te treden: God treedt binnen in de harten die voor Hem ontvankelijk zijn en zich totaal voor de wereld hebben afgesloten. Pas dit gebeuren toe op uw eigen leven, en bedenk dat Gods Genade alles kan doordringen (Hij kan zonder enige moeilijkheid elk ogenblik uw hart betreden), maar Hij zal dit des te eerder doen wanneer u vrijwillig alles buitensluit wat werelds is, en met hart en ziel naar Zijn Aanwezigheid verlangt (zoals dit bij de apostelen na de Verrijzenis het geval was.) God wacht op een teken van uw vrije wil om de sloten van uw hart te openen. God kan binnen in een huis dat vergrendeld is (Hij doet dit in talloze Heilige Communies, want zonder tal zijn zij die de Heilige Communie ontvangen met een lauw of totaal onverschillig hart, dat dus niet werkelijk geopend is voor Zijn Komst), maar Hij doet het niet ten volle zolang er geen manifeste wil blijkt om Hem binnen te laten.
Op God gericht leven, kunt u dus in een beeld beschouwen als leven in een huis dat u zorgvuldig afgrendelt voor alle invloeden van de wereld (u ondergaat ze onvermijdelijk, maar de hoeveelheid invloeden die u bereiken, kunt u tot op zekere hoogte zelf bepalen, en vooral de mate waarin deze invloeden uw hart werkelijk raken), maar dat u tegelijkertijd openstelt voor God door werkelijk naar Zijn tegenwoordigheid te verlangen. Hoe merkt God het verschil, aangezien toch uw deuren vergrendeld zijn? Uw openheid, uw verlangen naar Hem, blijkt uit het Licht dat doorheen de kieren van uw deuren en ramen naar buiten toe straalt. Dit Licht wordt ontwikkeld door de Liefde. Een vergrendeld huis dat bovendien inwendig verduisterd is, is een hart waarin geen Ware Liefde leeft. Zijn vergrendeling houdt de wereld niet buiten, want de wereld leeft en broedt reeds volop binnen zijn muren.

De voorkeuren van de ziel (haar keuze voor God ofwel voor de wereld en zichzelf), en de daaruit voortvloeiende gesteldheid van hart (rust en vrede, of onrust en onvrede) bepalen de mate van geluk, blijmoedigheid en ontspanning waarmee u uw levensweg ten einde gaat. Zij zijn eveneens medebepalend voor uw gesteldheid in het uur van uw dood. In het stervensuur heeft de ziel de neiging om op een koortsachtige wijze te trachten om klaar te komen met datgene wat haar tijdens haar leven op aarde het meest heeft beziggehouden. Indien dat vooral wereldse gedachten, bestrevingen en belangstellingen zijn geweest, zal de ziel er in het stervensuur moeilijk in slagen om daarvan los te komen en de vlucht naar de niet-stoffelijke eeuwigheid te beginnen. Deze strijd is wat de doodsstrijd wordt genoemd: de onrust van de ziel die niet met zichzelf en met God in het reine is omdat zij zich niet van de wereld kan losmaken. Dit is de toestand van de louter spirituele strijd van de ziel.

De grote opdracht van uw leven op aarde bestaat in het vinden van de weg naar de heiligheid, en de volharding in het voltooien van die weg. In Gods ogen is een leven dat niet uitmondt in heiligheid voor de ziel in wezen als een verloren leven, dat weliswaar een rol zal hebben gespeeld binnen Zijn Heilsplan, doch niet datgene heeft verwezenlijkt waartoe de ziel geroepen was. De weg naar de heiligheid is de weg van de bevrijding van uw ziel. U kunt deze slechts bereiken door volkomen op God gericht te leven. De grootste verdienste is echter deze, dat u op uw beurt ook wordt tot een sleutel die de boeien van andere zielen losmaakt.

BRON: Maria Domina Animarum Apostolaat
(Zie onderrichtingen: Stormschriften II: deel 83)



De Geest en de bruid zeggen: "Kom!" En laat iedereen die het hoort, zeggen: "Kom!" Iedereen die dorst heeft, mag komen. Iedereen die wil, mag komen drinken van het water dat levend maakt. Je hoeft er niets voor te betalen.”
(Openbaring 22:17)




Geen opmerkingen:

Een reactie posten