maandag 29 december 2014

MARIA, MOEDER VAN GOD

MARIA, MOEDER VAN GOD (1 jan.) – ARK VAN HET NIEUW VERBOND:

“icoon MARIA, Moeder Gods van het teken”



God heeft in de loop der tijden vele dingen voltrokken die bevorderlijk zijn voor het Heil der zielen. Hij beoogt immers slechts één ding: dat zoveel mogelijk zielen de Eeuwige Gelukzaligheid in Zijn Tegenwoordigheid zouden kunnen erven. De Schepper heeft Zich echter door een regel laten binden: De Wet der Goddelijke Gerechtigheid moet worden vervuld, en elke ziel moet uit vrije wil beslissen of zij de geschenken van haar God al dan niet in zich wil opnemen.
Tot de allergrootste wonderen behoort zonder de geringste twijfel het unieke voorrecht van een mensenziel, de Moeder van de Tweede Goddelijke Persoon (Jezus) te worden, en de voorbereiding door dewelke de ziel in staat kon wordt gesteld om Tabernakel of Draagster van de Allerheiligste te zijn. Met dit Mysterie verbond de Meesteres van alle zielen Haar hoedanigheid als Ark van het Nieuw Verbond. Bij de joden van het Oud Verbond was de Ark een soort “kist”, waarin datgene werd bewaard dat voor de joden gold als symbolen voor de Tegenwoordigheid en de Werking van God.
De Meesteres van alle zielen noemt Zich niet slechts “Ark van het Verbond”, doch uitdrukkelijk “Ark van het Nieuw Verbond”, en wijst er daardoor op, dat Zij door God niet “slechts” tot Tabernakel, Draagster en “Bewaarkistje” van de Allerheiligste werd gemaakt, doch tevens tot Tabernakel van de Nalatenschap van Christus. Precies op deze basis is immers Haar roeping gegrondvest om als Meesteres van alle zielen te onderrichten en, zoals Zijzelf het zo treffend zegt, de kennis der zielen van de Leer van Christus te verdiepen en hun vermogen om deze Leer in hun dagelijks leven zo doeltreffend mogelijk toe te passen, in de hoogst mogelijke mate te vergroten.
Het was binnen de Kerk steeds gebruikelijk, op de octaafdag van een bijzonder feest (de achtste dag na de gedachtenis van dit feest), het feest nogmaals onder de aandacht te brengen. Hoe passend is het, op de octaafdag van de Geboorte van Christus Zijn Moeder, de ziel die Hem aan de wereld heeft gegeven, te belichten in Haar hoedanigheid als Moeder Gods. Deze octaafdag valt uitgerekend op nieuwjaarsdag. Is het niet prachtig, steeds opnieuw een nieuw jaar te mogen beginnen met het feest dat onze Hemelse Moeder en Meesteres belicht in Haar hoedanigheid als Moeder Gods? Een moeder is immers draagster van een nieuw leven, van een nieuw begin. De Moeder Gods is bovendien de Draagster van de Bron van het Goddelijk Leven, dat Zij in Zich meedraagt, ook terwijl Zij bezit neemt van een ziel: Precies zoals Christus bij het betreden van een ziel onvermijdelijk het Kruis met Zich meedraagt, draagt de Moeder Gods als Ark van het Nieuw Verbond bij Haar intrede in de ziel onvermijdelijk Christus en de volheid van Zijn spirituele Nalatenschap met Zich mee. Welke rijkdom valt daarbij de ziel in de schoot, die dit Meesterwerk van God binnenlaat en Haar tot Meesteres van haar huis maakt. Glinsteren als goud zal zij, want in haar zal het Goddelijk Leven groeien zoals de bloemen in het Wedergeboren Aards Paradijs, dat ons bekend is gemaakt als “Meesteres van alle zielen”.
“MARIA, ARK van het NIEUWE VERBOND”


BRON tekst: uit de  onderrichtingen van het Maria Domina Animarum Apostolaat: (zie onderrichtingen: Sluier van goud.)

Onderricht  aan het Maria Domina Animarum Apostolaat:
(zie openbaringen:1 januari 2007 ):
“De Allerhoogste heeft Mij gemaakt tot een Tabernakel voor Zichzelf door Mijn Onbevlekte Ontvangenis. Hij heeft dit Tabernakel drie maal verzegeld:
1.                    Het 1e zegel was Mijn Goddelijk Moederschap, het uniek voorrecht van totale eenwording met de Godheid in Mijn Moederschoot met behoud van Mijn maagdelijkheid;
2.                    Het 2e zegel was Mijn hoedanigheid als Medeverlosseres gedurende de Passie van de Christus, waarbij Ik als enige ziel volmaakt, volkomen en absoluut één was met de volmaakte offerande van het Lijden van de God-Mens in diens verlossingswerk.
3.                    Het 3e zegel was Mijn Kroning tot Koningin van de hele Schepping en de voltooiing van Mijn bekleding met de Goddelijke macht als de Meesteres van alle zielen.
Door deze drie zegels heeft de Allerhoogste het Tabernakel dat “Maria” heet, op unieke wijze laten delen in de volheid van het Goddelijk Leven.”
BRON:uit de onderrichtingen van het Maria Domina Animarum Apostolaat: (zie onderrichtingen: Sluier van goud.)
http://www.maria-domina-animarum.net/










1 opmerking: