dinsdag 10 mei 2016

AANBIDDING

AANBIDDING:

"HET ALLERHEILIGSTE"


God aanbidden in het Allerheiligste Sacrament:

In de kern van elke aanbidding moet het oprechte verlangen staan, één met God te zijn.
Welke houding (lichaamshouding) is aangewezen tijdens de aanbidding? In bepaalde kringen wil men mensen “opdringen” geknield te zitten tijdens de aanbidding van het allerheiligste. Het gaat er vooral om een “eerbiedige houding” aan te nemen, dat men er zich totaal van bewust is dat men in aanwezigheid is van God!  Een geknielde houding is uiteraard een houding van eerbied…Nochtans moet men voor ogen houden, dat God meer verheugd is over een ziel die om één of andere reden soms eens moet gaan zitten, maar die daarbij het verlangen naar God niet uit het hart laat wegvloeien, dan over een ziel die constant geknield zit maar in het hart ver van Hem verwijderd is. God kent onze zwakheden en onze beperkingen, ook de lichamelijke. De waarde van een aanbidding voor Gods Heilsplan en voor de ziel zelf wordt in de eerste plaats bepaald door datgene, wat in het hart omgaat. Mocht dit niet het geval zijn, dan zou geen enkele zieke of gehandicapte ooit genade kunnen vinden, want onder deze mensen zijn er die nauwelijks of niet kunnen knielen.

Nog belangrijker dan de lichaamshouding is dus de hartsgesteldheid. De aanbidding is in principe een oefening van de ziel die zich voor honderd procent met al haar innerlijke processen naar het Wezen van God richt. De zin van deze oefening bestaat hierin, dat de ziel zich volledig en restloos tegenover God tracht te ontledigen, en alles vóór Hem neerlegt, wat zij in zich draagt, maar eveneens dat zij zich volledig ontsluit voor datgene wat God haar gedurende de oefening zal laten toestromen, via welke weg en in welke vorm dit ook moge zijn. Aanbidding is derhalve gelijktijdig lofprijzing, dankzegging, beschouwing, verkenning van zichzelf en van de Liefde van God, het gericht opladen van de eigen levenskracht, opening van de communicatiewegen met God in beide richtingen, ontplooiing van het spirituele leven, bezinning over de eigen zwakheden, beperkingen en niet goed ontwikkelde vermogens, en nog veel meer. Kort samengevat, zou ik aanbidding zelfs als een harmonisch ontplooien en samenbrengen van drie activiteiten kunnen bestempelen: De verkenning van de Godheid, de verkenning van het “zelf”, en de verkenning van de verbindingskanalen tussen de Godheid en het “zelf”.

Bij dit alles is het noodzakelijk dat de ziel in aanbidding zich erin oefent, de geest en alle geestelijke processen zoveel mogelijk uit te schakelen en het hart (de wereld van de innerlijke gevoelens, van de verwerking van de binnenstromende Liefde en het richting geven aan de buitenstromende Liefde) volledig te openen. Wereldse gedachten mogen niet meer worden gevoed. Het hart moet ook zo zuiver en positief mogelijk ingesteld zijn: Elk gevoel van wrok, haat, gebrek aan vergeving, jaloersheid, nijd en dergelijke, vermindert de vruchtbaarheid van de uitwisseling tussen de ziel en God. Men zou kunnen zeggen dat aanbidding een soort spiegel is van datgene, wat het volledig innerlijk leven met God zou moeten zijn: Elke seconde van het leven zou de ziel de processen die ik zojuist met betrekking tot de aanbidding heb mogen aanduiden, in de praktijk moeten beleven en ontwikkelen. De aanbidding zou in deze zin kunnen worden beschouwd als een blauwdruk van het Goddelijk Leven dat de ziel moet nastreven. Aanbidding moet dus een levenshouding worden.

Aanbidding is:
·                            Je geest leeg maken door diep in je hart te kijken, zonder gedachten, als in een volkomen leegte, en zo zuiver mogelijke Liefde naar God toe laten stromen. Denk niet, beleefvoel de Liefde.
·                            Dank zeggen, en de genade vragen om te beseffen dat elk ogenblik van je leven een reden is om dankbaar te zijn, als een kans tot het verzamelen van verdiensten voor het Eeuwig Leven.
·                            Je openstellen voor de overvloeiing van de stralen uit Gods Hart naar je ziel, en door totale overgave, zonder enige weerstand of verzet vanwege je denkende geest, God in jou laten werken: in de stilte zal Hij elk puntje van je ziel veranderen, voeden, heiligen, herscheppen. Laat het wonder gebeuren.
Je in de stilte van je hart diep met het uitgestald Heilig Sacrament verenigen, zodat Jezus je kan “herprogrammeren”. Je lichaam is wat je eet. Zo is ook je ziel wat zij eet: Tijdens aanbidding moet je haar voeden met de geuren der volmaaktheid, die stromen uit de heiligste bloemen van Gods  Paradijs, dat Jezus in Zijn Hart draagt, altijd en overal. Waar Jezus is, is de Hemel. Wanneer Jezus jou raakt, is de Hemel in jou. Voel de kracht van Zijn Geest. Voel haar door je heen stromen, je zuiveren van het slijk van de wereld, van het stof der jaren. De stralen van heiligheid uit Zijn Hart zijn het bloed van je ziel.”


BRON: MARIA DOMINA ANIMARUM APOSTOLAAT: zie Roep van liefde: aanbidding.


“Een eerbiedige houding aannemen, in tegenwoordigheid van het Allerheiligste, is aan te bevelen.”







video:adoro te devote



ADORO TE DEVOTE:

“Ik aanbid met eerbied U, verborgen God,
die hier onder tekens waarlijk Zich verschuilt:
aan u onderwerpt zich heel en al mijn hart,
want u schouwend weet ik dat het niets vermag.
Oog en smaak en tastzin wordt in u misleid,
het geloof steunt veilig slechts op het gehoor;
ik geloof al wat Gods Zoon vérkondigd heeft,
Niets is meer waar dan het woord der Waarheid zelf.
Op het kruis ging slechts uw heilige Godheid schuil.
Hier blijft echter ook uw mensheid diep verhuld;
toch belijdend beide met een vast geloof,
vraag ik wat berouwvol u de rover vroeg.
Ik zie niet uw wonden, als eens Thomas deed,
toch wil ik belijden u als mijn God;
doe in u geloven mij steeds méér en meer,
doe mij op u hopen, U beminnen slechts.
O gedachtenisteken van des Heren dood,
levend Brood, dat aan de mens het leven geeft,
geef mij dat mijn geest in u zijn leven vindt,
geef hem als zijn zoetheid u te smaken steeds.
Pelikaan vol goedheid, Jezus onze Heer,
reinig mij, onreine, door uw zuiver Bloed,
waarvan éne druppel zelfs verlossen kan
Heel het wereldrond van al zijn zondigheid.
Jezus, dien gesluierd ik hier nu aanschouw,
moge lessen, bid ik, zich mijn grote dorst;
dat ik ongesluierd zie uw aangezicht,
Zalig zij door het schouwen van uw heerlijkheid. Amen.”



maandag 9 mei 2016

VOORZICHTIGHEID

 Voorzichtigheid:
Een belangrijke deugd van de H.Geest; enige toelichting:

De voorzichtigheid is een deugd die berust op het vermogen dat God in de ziel heeft gelegd om goed en kwaad van elkaar te onderscheiden en tijdig te kunnen herkennen wat voor de ziel schadelijk is of niet. Voorzichtigheid wordt vaak onterecht verward met vreesachtigheid of lafheid. Integendeel is deze deugd in werkelijkheid een uiting van wijsheid, en ook van eerbied tegenover datgene dat God u heeft gegeven. Om slechts enkele voorbeelden aan te halen, die in uw onmiddellijke omgeving kunnen wijzen op onvoorzichtigheid: roken, veelvuldig alcoholgebruik, gebruik van drugs, het gebruik van medicijnen waarvan men op grond van informatie weet dat zij het lichaam en/of de geest schade toebrengen, terwijl er alternatieven voorhanden zijn die even doeltreffend doch niet schadelijk zijn. Het eten van voedingsmiddelen waarvan u weet dat uw lichaam deze niet verdraagt, is eveneens een vorm van onvoorzichtigheid. Het is waardevol, het niet-nuttigen van deze voedingsmiddelen te beschouwen als een offer dat van u gevraagd wordt.
Voorzichtigheid heeft vaak te maken met de wijze waarop de mens zijn lichaam behandelt. Uw lichaam mag in geen geval een afgod worden, maar het is wel de tempel van uw ziel. Het lichaam is u gegeven om uw stoffelijk leven hier op aarde mogelijk te maken. Uw ziel is niet aan ruimte gebonden, Uw lichaam wel. Uw lichaam is in zoverre van belang dat het niet alleen dienst doet als vervoermiddel voor uw ziel, maar ook uw instrument van uitboeting is. Het lichaam heeft stoffelijke behoeften, en is daardoor gevoelig voor de omstandigheden van de omgeving: honger, dorst, koude, warmte, pijn, ziekte, vermoeidheid: al deze gewaarwordingen berusten op tekorten of verstoringen in het evenwicht van uw lichaamsprocessen.
Deze ongemakken hebben een uitermate belangrijke spirituele functie: offers en boete, die aan God opgedragen kunnen worden tot afbetaling van de schuldenlast die de zielen tegenover Gods Gerechtigheid dragen doordat de mensheid zondigt tegen Gods Wet van Liefde, dus tegen alle deugden. Doordat uw lichaam moet kunnen dienen als instrument voor uitboeting, wordt u geacht, het voldoende te verzorgen en in stand te houden, want het is en blijft een werktuig in Gods hand, waarover Hij naar Zijn welbehagen en volgens de noden van Zijn Gerechtigheid moet kunnen beschikken. Indien een mens volgens Gods Plan geacht wordt, zijn lichaam gedurende 70 jaar ter beschikking te stellen voor deze genoegdoening aan de Gerechtigheid, doch door overmatige toepassing van schadelijke praktijken (roken, alcoholverslaving enzovoort) zichzelf reeds op de leeftijd van 55 jaar “onleefbaar” maakt, is het dus alsof hij 15 jaar van Gods Plan steelt. Mensen kunnen hier tegenin brengen dat alles Gods beschikking is, dus ook de leeftijd waarop iemand sterft, en dat is ook zo, maar de zonde schuilt hierin dat de mens hier door eigen handelen een toestand helpt scheppen die God uit Zichzelf nooit zou hebben gewild of bedoeld. Deze zonde of ondeugd noemt de mens roekeloosheid.
Een ander voorbeeld is het nemen van risico's die niets te maken hebben met het Heil van de ziel: gevaarlijke stunts, recordpogingen in ondernemingen die bewuste gevaren in zich dragen en waarvan men weet dat ze slecht kunnen aflopen, levensgevaarlijke activiteiten die vermijdbaar zijn, enzovoort. Helemaal anders ligt het met bewust martelaarschap, omdat dit wordt ondergaan met de bewuste intentie, God te verheerlijken en zielen te redden. Voor het overige kan als regel worden gesteld: het zichzelf bewust blootstellen aan levensbedreigende situaties, is misbruik van Gods eigendom, want Hij is Heer van het leven, en de mens heeft niet het recht om daar zelf over te beschikken. Geen mens weet wat God met hem voorheeft, waarom of wanneer. Het komt de mens niet toe, eigenhandig in dat Plan in te grijpen. Wanneer u dat toch doet, kan God u terecht veroordelen wegens onvoorzichtigheid. Want wat betekent dit woord in wezen?
“Voorzichtigheid” is het vermogen om te “voorzien”, “vooruit-te-zien”. Maar dat kan geen mens, want alleen God weet welke radertjes in elkaar moeten passen om Zijn Plan optimaal ten uitvoer te brengen, en op welk ogenblik dat moet en kan gebeuren. Alleen Hij kan “vooruit zien”. Bedenk wel dat alles wat u hier op aarde bezit, in feite geen bezit doch slechts bruikleen is. Gebruik het daarom met de voorzichtigheid voor zoverre deze u als vermogen in de ziel is gelegd, en neem geen risico’s die zowel in dit leven als voor het Eeuwig Leven ellende kunnen brengen. Wees oordeelkundig en wijs.
BRON: uit de onderrichtingen van het MARIA DOMINA ANIMARUM APOSTOLAAT: (zie boeken:
 lentebloesems aan de levensboom)







zondag 8 mei 2016

MARIA KONINGIN DER APOSTELEN

zaterdag na Hemelvaart

 MARIA KONINGIN DER APOSTELEN:



De Koningin der Apostelen is de Magneet die Zich slechts dit ene doel heeft gesteld: zich in het hart van de trouwe ziel te vestigen als een permanente en onweerstaanbare uitnodiging aan de Heilige Geest, opdat de ziel de volheid van Gods Licht en Liefde in zich moge kunnen opnemen en tot vrucht brengen.”

 

Op zaterdag na de Hemelvaart van Christus gedenken wij de Moeder van Jezus in Haar hoedanigheid van Koningin der Apostelen. Maria werd door de apostelen van Jezus van meet af aan niet slechts beschouwd als de Moeder van hun Leraar, doch ook als een buitengewoon verlichte ziel, aan wie zij ook met veel vrucht spirituele vragen konden toevertrouwen. Dat zouden zij na de Hemelvaart van Jezus ook daadwerkelijk geregeld doen. Nog tijdens het leven van Jezus op aarde beschouwden de vrouwen uit het gevolg van de Messias Maria als 'de Moeder' respectievelijk 'de Meesteres', tot wie zij zich graag wendden om toelichting wanneer zij de rijke Hemelse woorden van Jezus niet ten volle begrepen.
Na de Hemelvaart van Jezus was Maria ten volle de morele Steunpilaar en de Brug van bemoediging voor de apostelen in hun moeilijkheden bij het evangeliseren. Maria’s onovertroffen heiligheid, Haar innerlijke rust, Haar voelbare Vrede, Haar volmaakte Wijsheid, Haar brandende Liefde en Haar hele uitstraling, maakten Haar voor de apostelen tot een nooit opdrogende Bron van geborgenheid en houvast. Vaak viel mij het onverdiend voorrecht te beurt, in visioenen momenten te mogen zien uit de relaties tussen de apostelen en Diegene, Die zij tezelfdertijd als hun Moeder, Meesteres en Koningin beschouwden. Onvergetelijk is daarbij de aanblik van deze unieke uitstraling, van deze wondermooie zachte ogen, deze tederheid in alle handelen en spreken. Eén enkel woord, één enkele blik van de Moeder van Christus volstond voor een gebroken ziel om opnieuw het Licht van de hoop en een volkomen nieuwe kracht te vinden.
Maria wil dit alles ook voor ieder van ons zijn en doen. Apostel in de brede zin van het woord is elke ziel die haar leven helemaal op de verwezenlijking van Gods Heilsplan richt, door te trachten, Gods Woord, Gods Werken en een voorbeeld van deugdzaam leven naar de zielen te brengen, en die met dit doel voor ogen alles in het werk stelt om haar hele wezen tot een spiegel van Gods Hart en een bruikbaar werktuig in Zijn dienst te laten omvormen. In deze zin zou bijvoorbeeld elke ziel, die zich inzet voor de verkondiging van de Wetenschap van het Goddelijk Leven en de concrete beleving van de Woorden van de Meesteres van alle zielen, te beschouwen zijn als apostel van Maria, en via Haar als apostel van Christus, daar de Harten van Jezus en Maria immers op grond van een mystiek Mysterie één zijn, en Hun Werken, Woorden en doelstellingen volkomen één zijn.
De ziel die zich met haar hele wezen en al haar doen en laten aan Maria heeft weggegeven, en die Maria overeenkomstig Gods vurigste verlangen beschouwt als haar Meesteres, kan de werking van de Koningin des Hemels in de kern van haar hart, van haar handelen, haar denken, haar voor- en afkeur en het hele verloop van haar leven leren voelen, volgens de mate van haar openheid voor Maria’s leiding en voor de golven van Haar Liefde. Voor deze ziel wil Maria in de diepste zin van het woord Diegene zijn, Die nu, na de Hemelvaart van Jezus, zoals een magneet de uitstortingen van de Heilige Geest naar de trouwe zielen toe trekt, die zich om Haar heen hebben verzameld. De Koningin der Apostelen is de Magneet die Zich slechts dit ene doel heeft gesteld: zich in het hart van de trouwe ziel te vestigen als een permanente en onweerstaanbare uitnodiging aan de Heilige Geest, opdat de ziel de volheid van Gods Licht en Liefde in zich moge kunnen opnemen en tot vrucht brengen.
Als de Koningin der Apostelen verleent Maria een bijzondere bescherming en een bijzondere innerlijke leiding aan diegenen, voor wie de verspreiding en de instandhouding van de volheid van Gods Waarheid belangrijk is, en die deze tot essentieel onderdeel van hun levenstaak hebben gemaakt, omdat zij gevolg hebben gegeven aan de uitnodiging van Gods Geest. Smeken wij Haar vandaag dat Zij ons tot waardige behoeders van Gods Schatten moge maken.

BRON: uit de onderrichtingen van  het Maria Domina Animarum Apostolaat:( zie onderrichtingen: boeken: Sluier van goud)



Als de Koningin der Apostelen verleent Maria een bijzondere bescherming en een bijzondere innerlijke leiding aan diegenen, voor wie de verspreiding en de instandhouding van de volheid van Gods Waarheid belangrijk is, en die deze tot essentieel onderdeel van hun levenstaak hebben gemaakt, omdat zij gevolg hebben gegeven aan de uitnodiging van Gods Geest.”







zaterdag 7 mei 2016

MOEDERDAG

 MOEDERSCHAP VAN MARIA – MOEDER VAN DE KERK

tweede zondag van mei (Moederdag)


“De Goddelijke Voorzienigheid heeft Maria aan ieder van ons gegeven als Eeuwige Moeder.

 

Vandaag vieren wij onze moeders. Graag gedenken wij eveneens de Moeder der moeders, die zo gauw vergeten wordt, De moeder is een ziel die ertoe geroepen is, voor haar kinderen een rustpunt te vormen, een oase van toevlucht in de pijnlijke of moeilijke uren van het leven, een bron van nieuwe Vrede en veilige geborgenheid wanneer het kind zich van alles verlaten voelt. Zij is er wanneer alles leeg lijkt, zij zalft wanneer wonden geslagen zijn. Dat alles, omdat het haar roeping is, omdat God haar zo heeft gemaakt.
De Moeder van Jezus bezat het charisma, dit alles in de hoogste volmaaktheid te verwezenlijken, niet slechts voor Jezus tot en met Diens Passie, doch voor elke ziel met wie Zij door Gods Voorzienigheid in aanraking werd gebracht. Diezelfde Goddelijke Voorzienigheid heeft Maria aan ieder van ons gegeven als Eeuwige Moeder. Precies dit Goddelijk Geschenk gedenken wij vandaag in werkelijkheid, als één van de grootste uitingen van Gods Liefde en van de mate waarin Hij van in den beginne naar ons Eeuwig Heil heeft verlangd.
Inderdaad, uiteindelijk heeft Jezus precies met dit doel voor ogen (ons Eeuwig Heil) Maria aan alle zielen, en alle zielen aan Maria gegeven, en nog wel vanaf het Kruis, waar Hij het unieke Werk van onze Verlossing bekroonde. Wij moeten daaruit wel de conclusie trekken dat Maria’s Moederschap als onderdeel van de voltooiing van ons Heil was bedoeld. Er bestaat derhalve allicht geen betere reden om het geschenk van dit Moederschap op zijn juiste waarde te schatten.
Laten wij nooit vergeten dat de verkondiging van Maria als Meesteres van alle zielen uiteindelijk Haar Moederschap als fundament heeft. Inderdaad, precies omdat God ons Maria als Meesteres, respectievelijk als Gids of als innerlijke Omvormster van onze ziel heeft geschonken binnen een door Hem Zelf (in de gedaante en bij monde van Jezus) bevestigd Moederschap over alle mensenzielen, draagt Haar hoedanigheid als Meesteres van alle zielen helemaal Gods handtekening: De Heilige Maagd is voor elke mensenziel steeds tezelfdertijd Meesteres en Moeder, omdat in Haar de macht en de Wijsheid tot inwendige leiding en omvorming van elke ziel in alle omstandigheden met de Liefde en de bescherming van het moederschap verbonden zijn.
Dat is het precies, wat iets groots niet slechts groot maakt, doch waarachtig naar de Goddelijke Bron ervan verwijst: de Liefde. Het feest van vandaag moet een feest van dank zijn voor het feit dat God ons zowel een moeder heeft bereid, die ten grondslag lag aan ons aardse leven als reis naar de spirituele vervolmaking en derhalve naar de Eeuwige Gelukzaligheid, alsook een Moeder, die ons voor het Ware Leven voor de Eeuwigheid, het Goddelijk Leven, wil en kan baren: Maria, tezelfdertijd Moeder Gods en Moeder van onze arme ziel. Laten wij Haar vandaag de bloementuil aanbieden van ons hart en van onze goede wil om op het einde van onze reis uit deze ballingschap door en met Haar doorheen de Gouden Poort het Paradijs binnen te gaan.
BRON: Maria Domina Animarum Apostolaat,zie onderrichtingen: boeken: Sluier van goud:


“Laten wij Maria vandaag de bloementuil aanbieden van ons hart en van onze goede wil om op het einde van onze reis uit deze ballingschap door en met Haar doorheen de Gouden Poort het Paradijs binnen te gaan.

 GEBED VAN TROOST AAN MARIA, DE VERGETEN MOEDER:

 


Lieve Moeder Maria,
Ik zag u wenend aan de voet van het Kruis, het hart van mijn Verlossing.
Nu zie ik u wenend in de harten van hen die onder het Kruis tot uw kinderen zijn gemaakt, want zoals zij de prijs van het Kruis vergeten zijn, zo vergeten zij nu de Schat die hen op Calvarie in u is gegeven.
U zag uw Goddelijk Kind voor uw eigen ogen sterven aan het Kruis.
Nu zien uw verheerlijkte ogen de doodsstrijd van de zielen van zovele van uw kinderen, want zij eten niet de Vrucht der Verlossing, zij drinken niet het Bloed der Verlossing, zij warmen zich niet aan het Liefdesvuur uit uw Hart, en zij versmaden de kussen van uw moederlijke Voorspraak die hen streelt als dauw op kwijnende bloemen.
O rode Roos van Liefde, was mijn hart niet bedoeld als een roos van vreugde voor uw ziel? Doch hoe vaak doorboren mijn doornen uw Hart wanneer de blaadjes vallen onder de storm der misleidingen, en de roos van mijn hart haar kroon van schoonheid verliest.
Nog raast de wind van mijn verleden over de tuin van mijn ziel, doch uit uw Hemelse ogen stroomt de Vrede van het Land van de Eeuwige Glorie. Ik weet nu dat de doornen waardoor ik u in mijn onwetendheid heb verwond, restloos zijn verbrand in de zon van uw Liefde.
O Moeder, wees niet bedroefd. Uw Tranen snijden mij als zwaarden door het hart. De dag en de nacht zijn u gegeven, Hemel en aarde aan uw voeten gelegd, doch ik voel uw Hart scheuren onder de geselslagen van uw Liefde die niet wordt beantwoord, want uw kinderen hebben hun Liefde verkwist aan de lege beloften der wereld.
Voel toch de brand van mijn hart wanneer ik u aanschouw, want ik mag u Moeder noemen, o hoogverheven Koningin. Voel toch hoe de roos van mijn hart kreunt onder de regen van uw Tranen.
Zie toch mijn verlangen om door uw hand geleid te worden, want ik zal uw kind blijven tot in eeuwigheid.
Hoor toch mijn hulpeloos roepen in uw Hart, want zonder u ben ik verloren.
Zie, o Moeder, ik kom de roos van mijn hart offeren aan de Bron van Tranen in uw Smartvol Hart, opdat de liefdewonde die u in mijn ziel hebt geslagen, één moge worden met de wonde der Smart in uw ziel, en de vrucht van Liefde uit mijn tuin moge worden tot voedsel van bekering voor uw kinderen die u ook vandaag niet "Moeder" hebben genoemd.
BRON gebed: Maria Domina Animarum Apostolaat:(zie gebeden)



"Bedroefde en wenende MARIA in LA SALETTE"







donderdag 5 mei 2016

GEDULD

Geduld:

Een  mooie christelijke deugd, maar voor velen soms moeilijk. Even wat toelichting:

Geduld is het vermogen om te aanvaarden dat alles gebeurt op Gods tijd, ook indien deze niet helemaal strookt met uw eigen verwachtingen en verlangens. Vele mensen worden geërgerd, geprikkeld, nerveus, wanneer een situatie niet helemaal verloopt volgens het ritme dat zij passend achten. Zij vertonen dan de neiging om op de dingen vooruit te lopen, en de zaken “een handje te helpen” om meer schot in de zaak te krijgen. Zij willen een oplossing zien vόόr de tijd er rijp voor is, en gaan ervan uit dat de zaak alleen maar gediend kan zijn met een zo snel mogelijke afwikkeling. Nochtans is dit niet noodzakelijk het geval. Alleen Gods Wijsheid beschikt wanneer de volheid van de tijd gekomen is om iets tot stand te brengen of te laten eindigen.
Zolang een situatie waar u niet onverdeeld vrede mee hebt, blijft aanhouden, wordt u geacht, deze in overgave te dragen, in de wetenschap dat God ze wel zal veranderen (indien die verandering althans in overeenstemming is met Zijn Plan van Heil) zodra Hij in Zijn onovertrefbare Wijsheid vaststelt dat alle factoren voor die verandering gunstig zijn voor een optimaal effect ten dienste van de verwezenlijking van Zijn Plan. Door zelf bruusk in te grijpen, kunt u Gods Plan stevig in de war sturen, en in plaats van een vermeend ongunstige situatie recht te trekken, kunt u in werkelijkheid in Gods ogen veel schade aanrichten.
Een veel voorkomende bron van ongeduld schuilt in het gedrag van mensen. Erger u daar niet aan. Offer alles wat u stoort op aan God, bid ervoor, en laat het voor het overige los, opdat God Zelf het op Zijn tijd en volgens Zijn groot Plan kan oplossen. U zult ervaren dat dit veel vrede in uw hart brengt. Het kan voorkomen dat u met de beste bedoelingen bezielt, een ontspoorde situatie absoluut zo spoedig mogelijk wil rechttrekken omdat u het gevoel hebt dat u dit aan God verplicht bent. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn met storende toestanden in de kerk. U moet echter leren bedenken dat God andere plannen kan hebben: soms laat Hij de ontsporing van bepaalde toestanden een lange tijd toe opdat daarna de Waarheid des te feller zou schitteren. Inderdaad, indien u voortijdig (dus: vόόr Gods tijd daartoe gekomen is) wil ingrijpen, zal het effect van die ingreep minder groot zijn dan wanneer u God Zelf op Zijn tijd laat ingrijpen. Alleen Hij weet wanneer de tijd voor verandering werkelijk rijp is. Offer intussen uw teleurstelling op, en doe dat in vereniging met het Smartvol Hart van Maria, en uw geduld en offer zullen u als positief aangerekend worden. Wat u had bedoeld als een ingreep van liefde tot God (namelijk door een toestand die God wellicht mishaagt, te willen beëindigen) kan op termijn eerder beoordeeld worden als opstandigheid tegen Gods Plan.
Geduld en ongeduld houden verband met de wijze waarop u tegen de tijd aankijkt. Tijd is een mysterie op zich. In het stoffelijk leven is de tijdsfactor van beslissend belang doordat niet alle dingen tegelijk kunnen gebeuren. Het stoffelijke leven is door God zodanig georganiseerd dat er steeds een zekere evolutie, een ontwikkeling, een golvende beweging van groei en aftakeling bestaat. Indien alles tegelijk zou gebeuren, zou de materiële wereld geen eeuwen lang blijven bestaan, doch slechts een flits. Het eeuwige leven daarentegen, het ware Leven in Gods Hemels Rijk, is tijdloos. Daarom is het spirituele leven ook tijdloos.
Precies om die reden is het mogelijk geworden dat Jezus op een bepaald ogenblik van de geschiedenis in de wereld kwam en het Verlossingswerk voltrok voor alle eeuwen, ook voor deze vόόr èn voor deze na Hem. Om diezelfde reden kunt u op elk ogenblik alles van uw hele leven toewijden (aan Maria, aan Jezus...), ook datgene wat u vele jaren geleden niet hebt toegewijd, bijvoorbeeld omdat u toen het principe van de toewijding nog niet kende. Houd dit alles even voor ogen. Dit is een grote genade, want anders zou alles wat in uw verleden ligt, reddeloos verloren zijn en zou ook geen vergeving meer kunnen bestaan voor vroegere zonden die door bepaalde omstandigheden niet onmiddellijk na de feiten gebiecht zijn.
Het spirituele, het geheel van de aangelegenheden van de ziel, is tijdloos. Jezus heeft de uitwerking van dit gegeven verzegeld in het grootste geschenk dat God ooit aan de mensheid heeft gegeven: het Verlossingswerk. Waarom tracht u dan Jezus niet volkomen na te volgen, op Hem te gelijken, ook in uw ervaring van de tijd, door uw religieuze oefeningen te beleven vanuit het besef dat hun effect tijdloos is? Met andere woorden: beoefen uw gebeden en uw deelname aan het Heilig Misoffer met veel meer geduld. Tracht langzamer en daardoor ook bewuster te bidden. Laat u in de mysterievolle sfeer van het tijdloze trekken. U zult merken dat dit gecompenseerd wordt doordat u uw andere levenstaken vlotter zult volbrengen, vanwege de Vrede van hart waarmee zij bezield zullen worden, en het feit dat Gods werking in u intenser zal zijn, en de stromen van Goddelijke kracht en wijsheid in u zullen toenemen. Bedenk steeds dat gebeden en een Heilige Mis die in een ijltempo afgehaspeld worden, veel aan waarde inboeten, want ook in de spirituele beleving geldt dat kwaliteit boven kwantiteit staat, met andere woorden: één diep doorleefd en langzaam verricht gebed is meer waard dan drie gebeden die niets méér zijn dan een reeks snel aan elkaar geschakelde woorden.
Er is een vorm van ongeduld die te maken heeft met een geprikkelde reactie op beproevingen. Een ontoereikend vermogen om beproevingen te aanvaarden, is op zich een gebrek aan offerbereidheid, doch indien u eerder geprikkeld of geërgerd reageert, kan er ook eerder sprake zijn van ongeduld: De beproeving moet zo snel mogelijk voorbij gaan, eventueel zelfs omdat u het gevoel hebt dat u ze niet aankunt, en het biedt u geen troost, te weten dat beproevingen het Eeuwig Heil brengen. In feite interesseert u in een dergelijke gesteldheid alleen maar dat u het op dàt ogenblik “goed” zou hebben. We zouden kunnen stellen dat, wanneer een gelovig mens die op zich de waarde van de offerbereidheid kent, op een beproeving reageert met ergernis, hij vooral blijk geeft van ongeduld, eerder dan van zuiver gebrek aan offerbereidheid.
Voor een niet onbelangrijk gedeelte is het ongeduld in de mens een misvorming die in zijn karakter wordt geënt door de gejaagdheid van het moderne leven, een gejaagdheid die op zich reeds een uitvloeisel is van het feit dat de moderne samenleving tuk is op snel winstbejag: er heerst een atmosfeer van “succes = rijkdom, en wel liever vandaag dan morgen”. Geduld is daarom ook één van de grote deugden die u kan helpen bevrijden uit de verstikkende greep van de wereld, en zelfs indien u op grond van beroeps- en andere verplichtingen in het wereldse ritme moet meedraaien, kunt u door de ontwikkeling van deze deugd in uw hart een ingesteldheid ontwikkelen die u ondanks een noodzakelijk snel levensritme een aanzienlijke rust en vrede kan leren ervaren. Uw innerlijke beleving hoeft immers niet noodzakelijk gelijk te lopen met het ritme van de handelingen die u stelt: de koorts van uw handen hoeft geen koorts te verwekken in uw ziel, indien u alles in vereniging met Gods Wil ervaart, want dan zult u ook begrijpen dat uw ziel tikt volgens een andere klok dan uw lichaam, indien u dit mogelijk maakt door de innerlijke rust te betrachten.

BRON: uit de onderrichtingen van het MARIA DOMINA ANIMARUM APOSTOLAAT:(zie onderrichtingen: boeken: lentebloesems aan de levensboom)




“Geduld is niet het vermogen om te wachten,
maar juist het vermogen om de juiste houding te behouden terwijl je wacht!”



woensdag 4 mei 2016

HEMELVAART VAN JEZUS CHRISTUS

 Hemelvaart van Jezus 




De diepe betekenis van de Hemelvaart van Jezus:

 

De Messias heeft geen gewoon leven geleid. Zijn Missie op aarde was niet zoals deze van de gemiddelde geschapen ziel. Nochtans heeft de Allerheiligste Drievuldigheid de Zoon van God tot Voorbeeld voor alle zielen gesteld. Precies om dit Voorbeeld niet louter theoretisch te stellen, doch in het kader van een volmaakt verdienstelijk leven, moest Jezus als Mens geboren worden. Hij zou een leven leiden waarin geen enkele beproeving zou ontbreken, die bij het menszijn hoort. Christus kwam in de wereld om Gods Rijk op aarde te verkondigen. Dit Rijk kan slechts gevestigd worden in de mate waarin de mensenzielen hun beproevingen overwinnen. Een beproeving geldt voor God als overwonnen, wanneer zij in Ware Liefde gedragen en toegewijd wordt, zodat zij tot materiaal voor de bereiding van verlossende en heiligende genaden wordt. Zo maakt God Licht uit duisternis, doordat de ziel haar vrije wil in dienst van Zijn Heilsplan stelt.
Bekijken wij Jezus. Wanneer wij met Hem één moeten trachten te zijn in het lijden en in het overwinnen van onze beproevingen, zullen wij het ook mogen zijn in datgene wat erna komt, want God heeft in het Menszijn van Jezus voor eeuwig aangetoond dat Hij de mens inderdaad tot Zijn beeld en gelijkenis wil verheffen.
Na het Lijden en de lichamelijke Dood in volmaakte Liefde en overgave voor Gods Heilsplan, verrijst de Christus uit de dood als Teken voor de definitieve overwinning van het Leven op de dood. Vanaf Zijn Verrijzenis verschijnt Jezus gedurende veertig dagen regelmatig aan de leerlingen om hen de laatste onderrichtingen te geven. Hij leeft in deze periode reeds op een ander bestaansniveau, want de menselijke component van Zijn Wezen heeft reeds alle beproevingen overwonnen. Dan komt de dag waarop Hij de zielen het Teken geeft dat hen moet aantonen dat in Gods werkelijkheid alles oneindig doorloopt, en niets dus ooit een einde heeft, tenzij alles wat duisternis en dood wil brengen: Jezus stijgt ten Hemel op.
In Zijn Hemelvaart leert Jezus de zielen twee grote lessen waaruit zij precies in de moeilijkste ogenblikken van hun leven de kracht kunnen putten om de ware hoop in zich te laten bloeien, en daardoor verder te strijden met het Licht in het hart:
1. De immense waarde van vergeestelijking. Jezus beëindigt op deze dag Zijn lichamelijke, zichtbare Aanwezigheid bij de zielen. Vanaf Zijn Hemelvaart moeten de apostelen en al Zijn volgelingen Hem diep in het hart zoeken, want zij zullen Hem niet meer in een zichtbare gedaante zien leven en werken, en zullen Zijn stem niet meer horen. Van de zielen wordt verwacht dat zij vanaf nu ten volle in de sfeer van het ware geloof leven. Jezus heeft tot de apostelen gezegd: “Ik blijf bij u tot het einde der tijden”. Niettemin zien zij Hem na Zijn Hemelvaart niet meer. Zij moeten het voortaan stellen met Zijn Belofte, en geloven dat God altijd woord houdt, met andere woorden: dat Hij er niet alleen IS, doch dat Hij ook WERKT. Dit geloof geldt nu voor de hele belofte:
·                            Dat Jezus bij de zielen blijft, ook al zien zij Hem niet. Dit heeft betrekking op Gods permanente Tegenwoordigheid, evenals op de werkelijkheid van de Heilige Communie.
·                            Dat Jezus heengaat om de zielen een plaats in de Hemel te bereiden, met andere woorden: dat het leven inderdaad verder loopt na de aardse dood.
·                            Dat Hij de zielen de Heilige Geest zal zenden om Zijn Werken in hen te voltooien.
In dit alles drukt Jezus de zielen op het hart dat zij op aarde slechts geluk kunnen vinden in de mate waarin zij boven zichzelf weten uit te stijgen en hun belevingswereld méér op het niet-waarneembare concentreren. Het ware geloof is het vermogen om in elk detail van het aardse leven overtuigd te zijn dat God tegenwoordig is, en dat Hij bezig is, al Zijn beloften in het eigen leven, in de eigen ziel en in de mensheid als geheel uit te werken. Dit is wat het ware geloof maakt tot een bron van geluk en van ware innerlijke Vrede. Ja, “Mijn Vrede geef Ik u”, aldus één van de beloften van Christus.
2. De lering dat afscheid op aarde geen einde is. Alles wat Goddelijk Leven in zich draagt, kent nooit een einde, net zoals God Zelf zonder einde is. Wanneer Jezus deze dag op de Olijfberg afscheid neemt van Zijn volgelingen, scheidt Hij slechts lichamelijk van hen. Zijn Aanwezigheid wordt hierdoor niet beëindigd. Zo ook is de lichamelijke dood van een mens die ons dierbaar is, geen definitief afscheid of geen einde, doch juist het begin van een relatie in de volheid van diens tegenwoordigheid bij ons. Precies zoals Jezus bij alle zielen zal blijven tot het einde der tijden, blijven onze overledenen ook door een Goddelijk Mysterie nog in de ziel met ons verbonden tot wij in het Eeuwig Leven voorgoed bij hen terugkomen. God heeft dit Mysterie geschapen, en het in Jezus aangetoond en tot een geloofspunt verheven, opdat geen ziel nog zou vergeten, zelf te leven, wanneer een dierbare op aarde van haar gescheiden wordt.
Terwijl Jezus Zich van de aarde losmaakt en ten Hemel opstijgt, staan opeens twee mannen in witte gewaden bij hen, die zeggen: “Mannen van Galilea, wat staat gij naar de Hemel te kijken?”. Inderdaad, de zielen mogen door het afscheid van een dierbare niet vergeten verder te leven, want Gods Plan met henzelf is nog niet beëindigd. In hen moet het ware geloof de motor zijn die hun naar de hereniging in het Eeuwig Leven drijft: de hereniging met de dierbare, en de definitieve vereniging met Christus, beide in de volheid, want het ware geloof is het voedsel dat God de zielen heeft bereid wanneer de wereld hun alles lijkt te hebben ontnomen. Zo wordt het ware geloof voor elke ziel de kracht waarop zij zelf eens ten hemel zal opstijgen, ter vervolmaking van haar navolging van Christus.

BRON:onderrichtingen van het Maria Domina Animarum Apostolaat:(zie onderrichtingen-edelstenen der genaden)


"HEMELVAART VAN CHRISTUS"







BEGIN VAN DE LENTE

 BEGIN VAN DE LENTE:

 

(21 maart)



 

Vandaag verwelkomen wij een nieuwe lente, een geschenk uit Gods hand, waardoor Hij in Zijn Schepping de belofte van een nieuw Leven tot uitdrukking brengt. De Schepper stelt ook in de natuur steeds weer tekenen voor het feit dat Hij de Bron van alle Leven is. Zonder Zijn scheppende kracht zou de Schepping er nooit zijn geweest. Zonder Zijn Intelligentie zouden wij ook niet elke lente getuige kunnen zijn van de wedergeboorte van de natuur.
De Meesteres van alle zielen wijst er steeds opnieuw op, hoe ontelbaar de verbazingwekkende tekenen zijn, via dewelke God in de natuur de bedoelingen laat merken die Hij ook ten aanzien van het spiritueel leven koestert. Na de winter van elk vermeend sterven in het zielenleven volgt onveranderlijk een nieuwe lente, in dewelke de groeikracht van de ziel opnieuw wordt aangewakkerd, en de ziel als tot nieuw leven gewekt, opnieuw klaar is om haar innerlijke rijkdom tot ontplooiing te brengen, opdat zij de volgende vruchten moge kunnen opleveren. Elke beproeving kan het innerlijk leven op een hoger niveau tillen, mits de ziel vast in haar oorsprong bij God alsook in haar bestemming bij Hem gelooft. Het geloof werkt dan als het mechanisme dat de bloeikracht in de ziel opwekt, waardoor de zielenbloem klaar is om de zonnewarmte van de Liefde in zich op te nemen en deze in zich tot volle ontplooiing te brengen, en zij Gods Wetten in zich zo totaal tracht te ontvouwen, dat zij in staat is om de zomervruchten in zich voor te bereiden. In de verwachting van deze vruchten worden de groei en bloei gestimuleerd in deze waarlijk Goddelijke kracht, die wij kennen als de hoop.
Lente in de ziel betekent de hoogste ontplooiing van het vermogen om zich te vervolmaken in alle deugden. Het resultaat is de bloei van het ware, Goddelijk Leven, drager van de vruchten van de heiliging. Smeken wij vandaag Maria, de Koningin van de natuur, de Behoedster van het Goddelijk Leven, de Belofte van de nieuwe, eeuwige Lente, en bezegeling van onze wedergeboorte. Zij zal in ons de schoonheid van onze Hemelse oorsprong, de geuren der vergeestelijking en de rust en vreugde van een ware innerlijke Vrede vrijmaken. Tot dit verbond van verwezenlijking van de lente in een ware spirituele wedergeboorte zijn zowel de ziel als Maria geroepen. Deze verwezenlijking is niets anders dan navolging van Christus.
Ik wens u een verheugende ontdekkingsreis doorheen de innerlijke rijkdom, die zonder uitzondering in ieder van ons aanwezig is, omdat hij de handtekening is, waarmee God onze ziel op reis heeft gestuurd, op de weg naar Hem terug.
BRON: uit de onderrichtingen van het Maria Domina Animarum Apostolaat: (zie onderrichtingen: sluier van goud)
http://www.maria-domina-animarum.net/



Maria, de Koningin van de natuur, de Behoedster van het Goddelijk Leven
 de Belofte van de nieuwe, eeuwige Lenteen bezegeling van onze wedergeboorte.”