vrijdag 22 juli 2016

MAAND AUGUSTUS


AUGUSTUS MAAND VAN MARIA’S VERHEERLIJKING:

 
“Augustus is de maand van Maria’s verheerlijking
Augustus is de maand van Maria’s verheerlijking.
Deze maand gedenken wij Haar als Koningin en Meesteres van al het geschapene, als Koningin van de engelen, als Middelares van alle Genaden, als de vlekkeloos Heilige, die tot en met het lichaam, het wezensniveau dat normaal gesproken als strikt aardgebonden geldt, ten Hemel werd opgenomen, opdat Zij voor alle eeuwigheid als het Grote Teken van God Zijn Heerlijkheid op de zielen zou kunnen afstralen. Zo belichaamt Maria ten volle de verrukkelijke Belofte van de Vrouw met de slang van alle werken van duisternis onder Haar voeten.
"Maria,is de Vrouw die de kop van de slang onder haar voeten zal verpletteren." (Genesis 3:15)

Precies in deze voorstelling is de Koningin en Meesteres van al het geschapene – engelen, mensenzielen en duivels – de Belichaming van de zomervruchten uit alle lentebloesems (Werken van het Licht op de weg van de meest beloftevolle verwezenlijking), die ooit in Gods Hart werden ontworpen.

Op de christen rust de plicht, Christus in alles na te volgen, opdat hij een leven moge kunnen leiden, dat Gods Plannen en Werken kan dienen. Deze navolging komt helaas vaak nauwelijks tot stand wat de verheerlijking van Maria, Gods Meesterwerk, betreft, terwijl Jezus Zelf nochtans Zijn Moeder tot het uiterste verheerlijkte: Hij stelde alle zielen van alle tijden onder Haar hoede, en deed dit vanop het Kruis van hun Verlossing. In de verheerlijking van de Koningin des Hemels sedert Haar Onbevlekte Ontvangenis putte de Allerheiligste Drievuldigheid zo onbegrijpelijk diep uit de Bronnen der volmaakte Liefde, dat geen menselijk verstand vat kan krijgen op de effecten van dat Goddelijk eerbetoon aan een geschapen mensenziel. Het hoeft ons derhalve niet te verbazen dat vele zielen er niet in slagen, de Waarheid over de verhevenheid van de Koningin des Hemels en over Gods instelling jegens Haar werkelijk diep in zich in te bouwen. Wanneer de christen zo graag gelooft in de realiteit van de Eeuwige Gelukzaligheid in de Hemel, waarom lukt het hem dan zo moeilijk, te geloven in de realiteit van de Werken, die God heeft voltrokken aan de ziel, wier verdiensten in alle eeuwen niet werden, worden en zullen worden overtroffen?
Augustus als maand van de verheerlijking van Maria, is precies de maand van de verheerlijking van Gods Meesterwerk, en derhalve van de verheerlijking van Gods Liefde, die in Maria een Spiegel heeft geschapen van datgene wat Hij met Zijn Werken van Schepping, Verlossing en Heiliging eigenlijk heeft beoogd. In Maria zien wij hoe waar het is, dat Gods Werken en Plannen volmaakt zijn, en dat elke onvolmaaktheid in de Schepping dan ook niet uit Gods Hart voortkomt, doch uit de tekortkomingen van menselijke bijmengsels.
Moge augustus ons onderdompelen in het verheffende Licht van Gods Liefde, opdat wij de Waarheid in haar volheid mogen herkennen en liefhebben, want slechts zij kan ons uit de schaduwen van de schijnlichten van ons menszijn bevrijden.
BRON: uit de onderrichtingen van het Maria Domina Animarum Apostolaat: (zie onderrichtingen: meditaties: augustusmeditatie)

15-22 augustus:  DE DAGEN VAN MARIA’S UNIEKE VERHEERLIJKING:


In Maria zien wij hoe waar het is, dat Gods Werken en Plannen volmaakt zijn.”










woensdag 20 juli 2016

UW ZONDEN ZIJN U VERGEVEN

UW ZONDEN ZIJN U VERGEVEN

Onderrichtingen over Kwijtschelding van Straffen en het eeuwig Heil


"zich verzoenen met de Vader."


Bij de eerste verschijning aan de apostelen na Zijn Verrijzenis stelde Jezus het Sacrament van de Verzoening in met de woorden: “Aan wie gij de zonden vergeeft, zijn ze vergeven, en aan wie gij ze niet vergeeft, zijn ze niet vergeven”. God verzoent zich met de rouwmoedige ziel wanneer deze na de zonde in een individuele Biecht tegenover de priester haar misstap bekent.
De vergeving van zonden is een grote uiting van Gods almacht. Niemand kan zonden vergeven dan God Zelf, en Hij doet dit door tussenkomst van Zijn priester, die bij de bediening van de Sacramenten optreedt als de waarneembare vertegenwoordiger van God. Wanneer de priester ter afsluiting van de Biecht de biechteling ontslaat van zijn zonden, voltrekt zich op dat ogenblik de eerste tegemoetkoming vanwege Gods Barmhartigheid tot goedmaking van de schuld die de zondaar jegens de Goddelijke Gerechtigheid over zich heeft getrokken door Gods Wet te overtreden.
Elke zonde verkleint de staat van genade van de hele mensheid, en bemoeilijkt daardoor de stroming van Liefde doorheen de hele Schepping. Door u vergiffenis te schenken, neemt God zomaar een deel van uw persoonlijke schuld jegens Zijn Gerechtigheid weg. Dat is niet vanzelfsprekend, want het is een basiswet van de Schepping dat de mensheid zelf zou vergoeden wat zij aan de Schepping ontneemt. Inderdaad, elke zonde moet beschouwd worden als diefstal ten nadele van de Schepping, want uw zonde berooft ook uw medemensen en andere schepselen van de volheid der genade. Wanneer God u een zonde vergeeft, betekent dit dat Hij door tussenkomst van Zijn Barmhartigheid Zelf die hindernis in de stroom der genade opruimt. Wees u van dit alles bewust telkens wanneer u biecht, want de absolutie bij de afsluiting van elke Biecht is een wonder dat de Hemel in beroering brengt.
Het Sacrament van de Biecht biedt u vergeving van zonden, doch dat is niet het einde. Gods Gerechtigheid zou niet berusten op volmaakte rechtvaardigheid indien dit wel zo was. De vergeving neemt niet al uw schuld jegens de Gerechtigheid weg. De vergeving schept voor u een morele verplichting tot goedmaking, zoniet zou u geen enkele verdienste verwerven en zou elke absolutie uiteindelijk een negatieve balans scheppen: de zondaar zou, behalve zijn rouwmoedigheid (die tot op zekere hoogte de schending van de Liefde tot God goedmaakt), geen inbreng hebben in het herstel van het evenwicht in de Schepping dat hij door zijn zonde heeft veroorzaakt. Welk recht op loon in het Eeuwig Leven zou u hebben indien u louter dank zij Gods Barmhartigheid van schulden vrijgesteld zou worden?
Beschouw het volgende: Door elke zonde brengt u uw ziel een wonde toe. Door de vergeving na de Biecht wordt deze wonde gebalsemd en verbonden, maar zij blijft wel nog bestaan, en laat ook na herstel als het ware een litteken achter. Bovendien brengt u door elke zonde een zekere beschadiging toe aan de Schepping buiten uw ziel: hetzij aan uw medemens, hetzij op zijn minst aan de stroom van de Goddelijke Liefde die alle elementen in de Schepping onderling verbindt als een volmaakt netwerk van Goddelijke levensenergie. Deze schade moet hersteld worden. Dat kan slechts gebeuren door handelingen, woorden, gedachten en gevoelens van Ware Liefde: een goedmakende daad van naastenliefde, oprecht bemoedigende en liefdevolle woorden voor uw medemens, vurig gebed, boete, offers, daden van eerherstel. Dit alles vormt compensatie voor de schade die uw zonde aan het evenwicht in Gods Schepping heeft toegebracht, doordat het de verstoring van de liefdesstroom helpt opheffen.
Zonder vergeving van de zonden zou het Eeuwig Heil onbestaande zijn. De poort naar het Eeuwig Heil was voor de mens gesloten door de erfzonde, maar is door het Verlossend Lijden en de Kruisdood van Jezus opnieuw toegankelijk geworden. Uit het Bloed van Christus’ Wonden en uit het Water dat uit Zijn Hart vloeide nadat dit op Calvarie door een Romeinse lans was doorstoken, is de Bron van vergeving der zonde ontsproten.
"O bloed en water stromend uit het hart van Jezus, ik vertrouw op u."

Om de vruchten der Verlossing te plukken, moet de ziel de volkomen navolging van Christus betrachten door een leven in overeenstemming met Gods Wet. Dat betekent het ontvluchten van alle bekoring en zonde. God kent de menselijke natuur en haar zwakheden. Om die reden is voor de rouwmoedige zondaar de tegemoetkoming van Gods Barmhartigheid voorzien in de vergeving na de Biecht. Zo kan men stellen dat de weg uit de zonde naar het Eeuwig Heil loopt over een trap die bestaat uit vijf treden, waarvan de naam telkens begint met de letter B:
Bewustwording - Berouw - Biecht - Boete - Bevrijding
Bij het beklimmen van deze trap ervaart de ziel een doorlopende uitstorting van genaden van Gods Barmhartigheid, waarbij een voortdurende wisselwerking plaatsheeft tussen God (inwerkingen en gaven van de Heilige Geest) en de ziel (betrachting van eenvormigheid met Christus.) Naarmate de ziel de treden bestijgt, wint de kracht van de genade terrein in haar, en wordt een steeds groter gedeelte van de straf die op grond van de onontkoombare Wet van Gods Gerechtigheid met de bedreven zonde verbonden is, kwijtgescholden. Zodra de straf totaal opgeheven is, heeft de zonde in kwestie geen uitwerking meer en vormt zij niet langer een belemmering om de poort van het Eeuwig Heil te openen. De kwijtschelding van de straf is pas volkomen op de vijfde trede: de bevrijding. Zo wordt duidelijk waarom de vergeving in de Biecht (de derde trap) niet het einde is, en de ziel na het biechten van een zonde nog een louterende prestatie moet leveren alvorens de Goddelijke Gerechtigheid volkomen bevredigd is.
De loutering krijgt haar grootste effect op de vierde trede:  de boetedoening, waarbij de nasleep van de zonde goedgemaakt wordt door voldoening aan de Wet van de Liefde. God heeft het zo beschikt dat u voor elke zonde van uw leven deze trede moet overschrijden om algehele bevrijding te bekomen die u klaar maakt voor het Eeuwig Heil. Het is precies op deze trede dat u een groot gedeelte van de verdiensten van uw leven kunt verzamelen. Indien God u in alles tegemoet kwam, zou u bij uw oordeel geen verdiensten kunnen voorleggen. Daarom brengt kwijtschelding van straffen geen Eeuwig Heil indien zij niet door uw eigen inspanningen wordt aangevuld.

BRON: uit de onderrichtingen van het MARIA DOMINA ANIMARUM APOSTOLAAT (zie onderrichtingen: Stormschriften.)

"het sacrament van de verzoening."




dinsdag 19 juli 2016

HET WARE LEVEN BLOEIT SLECHTS IN DE SCHADUW VAN HET KRUIS

HET WARE LEVEN BLOEIT SLECHTS IN DE SCHADUW VAN HET KRUIS:

"leven in de schaduw van het Kruis."



Maria:"Ik ben Meesteres van de Voorzienigheid. Ik bezit de macht om levenswegen te hertekenen door Mijn beschikking over Gods genaden. Dat is wat Ik in het bijzonder doe met Mijn trouwste dienaren: Ik stuur de route van hun leven bij volgens het nut daarvan voor Mijn Plannen. Zalig zij die Mij daartoe de volle vrijheid laten. De ziel die Mij deze vrijheid ontzegt, straft zichzelf, want zij staat haar eigen geluk in de weg. Als Meesteres van alle zielen kan Ik harten en geesten zodanig vormen dat zij uit zichzelf gaan verlangen naar bepaalde veranderingen in hun gedrag en in hun reacties, zodat zij steeds méér nauwgezet datgene volbrengen wat Ik wil.
Ik kan zielen herscheppen tot afstralingen van Mijzelf. Welke schatten huizen in de totale navolging van Mij. Ik verlang zozeer, Mijn eigen Hart en geest uit te storten in Mijn vurigste dienaren, opdat hun handen en hun woorden Mijn Werken op aarde verderzetten. Laten zij nooit vergeten dat het Ware Leven slechts bloeit in de schaduw van het Kruis en aan de voeten van Haar die door God is gemaakt tot de Meesteres van alle zielen, die het voorrecht heeft genoten om een totale macht te verwerven op het Hart van de Allerhoogste. Het is de heilige plicht van elke ziel, haar kruis te aanvaarden.

BRON: Maria Domina Animarum Apostolaat (zie openbaringen: 7 januari 2006)


"Het Ware Leven  bloeit 
slechts in de schaduw van het Kruis en aan de voeten van Haar die door God is gemaakt tot de Meesteres van alle zielen." 




vrijdag 15 juli 2016

BID VOOR JE VIJANDEN

BID VOOR JE VIJANDEN:

"Onderschat nooit de kracht van het gebed!"

Hallo goede vrienden verenigd in “Jezus en Maria”
In deze dagen van terreur en dood, horen we zeer dikwijls de oproep om te bidden voor de slachtoffers en hun nabestaanden, wat uiteraard goed bedoeld is, en ook goed is als het daadwerkelijk ook gedaan wordt. MAAR JEZUS roept ons op om ook te bidden voor onze vijanden, als we bidden voor de vijand, en hij bekeerd zich, zal hij ophouden met kwaad te stichten!

Luisteren we naar wat JEZUS ons zegt in het evangelie:

 “Jullie hebben gehoord dat er in de Boeken is gezegd: 'Houd van je broeders en haat je vijanden.'  Maar Ik zeg tegen jullie: houd van je vijanden  en bid voor de mensen door wie jullie slecht behandeld worden.  Want dan zijn jullie kinderen van jullie hemelse Vader. Want Hij laat zijn zon schijnen op goede mensen en op slechte mensen. Ook laat Hij het regenen op goede mensen en op slechte mensen.  Als jullie houden van de mensen die ook van jullie houden, waarom zou God jullie dan een beloning geven? De slechte mensen doen toch precies hetzelfde?  En als jullie alleen je vrienden groeten, dan doen jullie toch niets bijzonders? De slechte mensen doen toch precies hetzelfde?
 Wees volmaakt, want jullie hemelse Vader is óók volmaakt." 
(Matteus 5:43-48)


Laten we bidden op voorspraak van Maria, dat ze voor onze wereld wil ten beste spreken bij Haar Zoon Jezus dat degenen die zoveel kwaad stichten, zich mogen bekeren zodat ze mogen leven zoals God van ons verlangt: “Gij zult uw naaste beminnen als uzelf.”


Jezus zegt ons:"Heb je vijanden lief, en bid voor wie jullie vervolgen." (Mattheüs 5:44)

maandag 27 juni 2016

AAN ELKE BEPROEVING KOMT OOIT EEN EINDE

AAN ELKE BEPROEVING KOMT OOIT EEN EINDE…

"De WEG van onze beproeving loopt ooit ten einde..."


Aan elke berg komt een eind, daarna bol je zonder moeite naar het dal: vele kilometers zonder één inspanning”, maar ik weet zelf ook wel, dat men die top pas bereikt in het uur van de overgang naar het “andere Leven” (bemerk de grote L) En toch... is deze troost geen ijdel woord: Eigenlijk werkt die “afdaling”, die ware vooruitgang als op vleugels, zich nu, hier beneden, reeds uit in de ziel die de ware hoop koestert. U weet wat Maria steeds opnieuw laat schrijven: In de ware hoop is de “voltooide werkelijkheid” reeds verwezenlijkt, met andere woorden: Datgene wat ons door God is beloofd, leeft in waarheid nu reeds in het tijdloze, en in de ware hoop leeft de ziel reeds een stuk in dat tijdloze, want diep vanbinnen weet zij dat alles goed komt.
Die berg, die wij moeten beklimmen, lijkt op sommige dagen eindeloos, en zelfs troosteloos: Het dal en zijn bloemen lijken zo ver weg, de vertrouwde geluiden vallen het ene na het andere weg, de wind begint te suizen en werkt soms wat beangstigend, en de diepte naast ons laat ons duizelen. En toch ligt daarin juist het goud verborgen: De prijs krijgen wij pas op de top, maar wij werken aan die prijs tijdens de beklimming. De arbeider ontvangt zijn loon niet vooraf, doch na de doorstane inspanningen en het leed dat er vaak mee gepaard is gegaan.
Maria kan ons een vernieuwd hart geven, dat zijn lasten anders bekijkt, er anders mee omgaat, zodat zij plotseling ergens lichter en zinvoller lijken, en dit daardoor ook echt worden.
Stelt u zich even een prachtig siertuintje voor, vol kleurige bloemen, rotspartijtjes, een klaterend beekje tussen keien... Het is best mogelijk dat, wanneer u dit tuintje vanuit welbepaalde hoeken bekijkt, u hoofdzakelijk stenen ziet, achter dewelke de bloemen en het water verborgen zitten. Wellicht meent u dan, dat aan dat tuintje niet veel bijzonders te bekijken valt. Stapt u echter een paar tientallen meters verder, dan kan het best zijn, dat zich voor uw ogen een beeld ontvouwt van een ongelooflijke bloemenpracht met een beekje, een vijver, en diezelfde stenen van daarnet, doch nu helemaal opgenomen in de harmonie van het geheel. Wat voelt uw hart nu? “O, wat past dit alles wonderlijk samen, alles heeft zijn plaats en zijn zin”. Ja, ook de stenen horen erbij, zonder hen “ontbreekt iets”, en is het geheel onvolledig. De stenen, opgenomen in het totaalbeeld, worden zelfs tot bron van extra verrukking.
Deze tuin is het beeld van een mensenleven. De bloemen zijn de vruchten der genade, het water (de tranen!) is noodzakelijk om deze genaden bloeiend te houden en te vermeerderen, de stenen (de moeilijkheden, beproevingen) zijn de verrukkingen, die slechts als dusdanig worden herkend mits men ze vanuit bepaalde hoeken bekijkt, en die de grondstof vormen voor het goud, dat de ziel later krijgt uitbetaald, indien zij de stenen op de juiste wijze (in Liefde, geloof, hoop, aanvaarding en toewijding) heeft gedragen. Elke steen die men in dit leven weggooit (de beproeving die men van zich afwerpt, niet aanvaardt, absoluut kwijt wil, verafschuwt...) kan niet meer in goud worden omgezet en verkleint het kapitaal voor het Ware Leven hierna.
Ja, ons tuintje kan mooi zijn ondanks de stenen, of eerder dankzij de stenen, ze horen erbij, en God verbergt precies in hen Zijn grootste schatten. Laten wij het zo bekijken: God heeft zo Zijn wegen om te achterhalen in hoeverre de ziel uit de oppervlakkigheid van het wereldse kijkt, voelen en streven weg groeit, en vooral wil groeien. Hij weet, dat de werelds voelende ziel eerst de bloemen (de in het oog springende schoonheden) zal bekijken, betasten, onderzoeken. Echt geloof echter, bloeit in de ziel die er werkelijk rekening mee houdt dat God Zijn Hart eveneens in de stenen heeft gelegd, want dat ook deze van Hem afkomstig zijn. Gods schoonheidsideaal is niet identiek met het onze, precies daarom moeten wij hier en daar leren “anders” denken, zien, voelen, streven...
 Laten wij nooit vergeten dat, ook de mogelijkheid om de stenen des levens lief te hebben als schatkistjes die zich pas laten ontsluiten zodra de ziel totaal doordrongen is van het geloof in Gods neiging om op alles de handtekening van Zijn Liefde te plaatsen, heel vaak nog het duidelijkst op de dingen waar de werelds denkende ziel overheen zou kijken, of die door haar het snelst worden veracht.
BRON: MARIA DOMINA ANIMARUM APOSTOLAAT:

"Deze tuin is het beeld van een mensenleven."

Over beproeving: zie blog:
http://jezusmariagroep.blogspot.be/2014/02/beproeving.html






vrijdag 24 juni 2016

DE KRUISEN EN DE WOESTIJN

Over de kruisen en de woestijn van het leven:



             De kruisen die de ziel op haar levensweg toekomen, komen nooit alleenaan elk van hen is ook Jezus

 


Lieve broeder en zuster, elke ziel die zich inzet om recht vanuit het hart te leven, terwijl zij zich in alles op de dingen van de eeuwigheid oriënteert, heeft het in deze tijd buitengewoon moeilijk. Dit kunnen wij gemakkelijker begrijpen wanneer wij er rekening mee houden dat Gods Heilsplan het tijdperk heeft bereikt waarin de definitieve overwinning van het Licht over de duisternis zal worden voltooid. In de strijd die naar deze overwinning moet leiden – dat heeft God beloofd – heeft God aan de Koningin des Hemels de leiding toevertrouwd. Hoe vastberadener de ziel zich aan de Koningin des Hemels geeft in een leven van totale toewijding, met des te meer verbetenheid zal de duivel zich tegen deze ziel keren. Ik vind in elk geval veel steun in deze beide beelden en begeleidende woorden die de Koningin des Hemels mij ooit voorhield:
1.                    De kruisen die de ziel op haar levensweg toekomen, komen nooit alleen: aan elk van hen is ook Jezus
2.                    De zielen die aan Mijn voeten liggen, worden door de helse slang het meest bedreigd, omdat de slang reeds onder Mijn voet gevangen ligt en daardoor het hardst diegenen treft die aan Mijn voeten liggen, met andere woorden, deze die Mij toebehoren.”
Deze beide uitspraken vanwege de Meesteres van alle zielen bevatten grote tekenen van hoop en bemoediging. Zij wijzen erop dat onze kruisen werkelijk geschenken van God zijn die op ons afkomen in een verpakking, waarin tevens de Goddelijke ondersteuning aanwezig is, en dat de ziel die Maria werkelijk wil toebehoren, het precies zo moeilijk heeft omdat de duivel volledig in Maria’s macht is, en daarom zijn laatste stuiptrekkingen die ravages veroorzaken, die wij heden ten dage in dergelijk hoge mate in de zielen kunnen bemerken. Hoop straalt uit alles wat uit Gods hand stroomt, maar de zielen moeten dieper leren kijken dan de oppervlakte. Dit dieper leren kijken, is één van de belangrijkste opdrachten van de Wetenschap van het Goddelijk Leven, de verzameling van de geschriften die de Koningin des Hemels op mystieke wijze aan de zielen schenkt, omdat God deze Tijd als “de volheid van de tijd” daartoe heeft voorzien.
De spirituele tocht doorheen de woestijn, die u  doormaakt, kan zeer vruchtbaar worden. Wanneer u deze vol vertrouwen aan de Koningin des Hemels toewijdt, zal Maria ervoor zorgen dat u elke slang en elke schorpioen, die zich onder het zand van uw zielenbodem verbergen, zult  kunnen ontdekken en verbannen. Het zand van veel wereldse verontreiniging overdekt soms de bodem van een zielentempel. In dit zand verbergen zich inderdaad de meest uiteenlopende bekoringen (slangen) evenals onze eigen zwakheden (schorpioenen.) De Meesteres van onze ziel bezit het vermogen, dwars doorheen dit zand de vijanden van onze ziel te zien, en Zij bezit de macht om deze aan de kaak te stellen en ons op de weg naar de bevrijding te leiden.

De ziel die zich blind aan Maria weggeeft, wordt door Haar veilig naar de tuin van de nooit verwelkende rozen geleid, maar zij zal tijdens de reis moeten vaststellen dat de weg daarheen met zeer vele doornen is bezaaid, omdat elke levenssituatie nu eenmaal uit wereldse componenten is samengesteld, die op zich onvolmaakt en dus voor de ziel pijnlijk zijn, omdat de ziel van nature naar volmaakte Goddelijke dingen verlangt. Precies omwille van deze doornen is een voortdurende ontwikkeling in de ware onvoorwaardelijke Liefde onontbeerlijk: Het is de Liefde die het vuur moet aansteken om de doornen op de weg te verbranden, opdat de ziel zich niet aan hen zou kunnen verwonden.
De deugdelijkheid van de ziel kan niet aan het aantal van haar teleurstellingen of tegenslagen worden afgemeten. Het aantal teleurstellingen of tegenslagen van een aan Maria toegewijde ziel zijn dan nog veeleer een maatstaf voor het feit dat de Meesteres van alle zielen haar zeer doelmatig tracht te heiligen.

Beschouwen wij Jezus als Godmens. Hij leidde een leven van gebed, lijden, beproevingen, naastenliefde, overgave aan Gods Wil. Met elke ademtocht, met elk van zijn woorden en elk van zijn handelingen was Hij enkel en alleen op het welzijn van alle zielen van alle tijden gericht. Hoe werd Hij “beloond”? Met onbeschrijflijk Lijden en de Kruisdood. Betekent dit dat Hij door God niet bemind werd, of dat de Eeuwige Vader Hem geen geluk gunde? De verdiensten van Jezus waren onmetelijk. Hij heeft er als Mens Zelf niets aan gehad, maar ontelbaar vele zielen hebben aan Hem hun eeuwige Gelukzaligheid te danken. Ook voor Maria, een geboren mensenziel, geldt dat Zij op aarde een onbeschrijflijk zwaar leven heeft geleid, en een ononderbroken strijd tegen de duivel heeft moeten voeren om hem aan Haar voeten te houden omdat hij nooit ophield, te trachten, Haar op ontelbare wijzen te verleiden. Op ons rust de zalige plicht, Jezus en Maria na te volgen. Ons ware geluk zal niet van deze wereld zijn. Slechts die ziel schrijft heilsgeschiedenis, die zichzelf uit Liefde offert opdat andere zielen van het zaad van haar liefdevol aanvaarde beproevingen mogen leven, en God en de Meesteres door de schoonheid van haar deugdzaamheid worden geprezen en verheerlijkt.
Het bovenstaande beeld komt overigens precies met de werkelijkheid overeen: Elke doorstane beproeving brengt Gods Rijk van Liefde en volmaakte Vrede op aarde dichter bij ons. God moet beproevingen toelaten omdat Zijn Heilsplan – de heiliging van zielen en de vestiging van Zijn Rijk op aarde – zich slechts door toegewijde en liefdevol doorstane beproevingen kan verwezenlijken. Precies om deze reden is het een voorrecht, te mogen lijden, hetzij lichamelijk, hetzij in het hart, door tegenslagen of hoe dan ook. Bekijkt u het eens zo: U hebt zich aan Maria gegeven als Haar dienaar/dienares. De Meesteres van alle zielen heeft van God de opdracht en de macht ontvangen om de wereld te zuiveren, opdat de Verlossingswerken van Christus zich mogen kunnen voltooien. Zij zal niet vertrouwen op een dienaar/dienares op wie Zij niet kan rekenen, maar wel op iemand die zich volledig geeft.

BRON: uit de onderrichtingen van het Maria Domina Animarum Apostolaat: (zie onderrichtingen: meditaties: de Woestijn en de Oase.)

“MARIA is onze OASE in de WOESTIJN”



      






HET TOEWIJDEN VAN LIJDEN

GEOFFERD EN NIET-GEOFFERD LIJDEN





MARIA: “Ik laat je het verschil zien tussen niet-geofferd en geofferd lijden".
Ik zie een rode bloem. Zij is symbool voor lijden. Zij bloeit, en verwelkt. Verder zie ik niets veranderen. Na het verwelken van de bloem lijkt het alsof er niets is geweest.
Daarna zie ik een gelijkaardige rode bloem. Zij bloeit, en ik zie er een zachte gloed omheen komen. Plots zie ik een zaadlob die openspringt. De bodem onder en rond de bloem begint licht uit te stralen.

MARIA verklaart:

De beide rode bloemen zijn symbolen voor lijden dat ondergaan wordt.
De eerste wordt niet opgeofferd. Zij verwelkt, en de ziel verandert niet. Nadat elk spoor van de verwelkte bloem verdwenen is, wijst niets er nog op, dat er ooit een bloem is geweest (de ziel heeft er geen nieuw leven door gekregen.)
De tweede wordt wel opgeofferd (toegewijd.) Op het ogenblik van de toewijding van de bloem van dit lijden ontwikkelt zich een zachte gloed omdat de offerande ontspringt uit een opwelling van Liefde. De warmte van de Liefde doet een zaadlob ontwikkelen, die openspringt en het zaad van de Liefde uitzaait. De bodem begint te stralen: De ziel is doordrongen van een vergroot vermogen tot liefhebben, en ook de omgeving van de ziel wordt bevrucht door deze genade in de mate van haar ontvankelijkheid ervoor. Hierdoor groeit de ziel naar een hoger niveau: Zij krijgt nu de kracht om een aantal nieuwe bloemen te laten ontspringen op de bodem die door de Liefde bevrucht is.

BRON: MARIA DOMINA ANIMARUM APOSTOLAAT: (zie onderrichtingen: meditaties)

Wijd uw lijden toe aan Maria,zij vormt het om!







vrijdag 27 mei 2016

MARIA ZETEL VAN WIJSHEID




8 juni:Gedachtenis aan MARIA ZETEL VAN WIJSHEID:
 

Maria is  de Zetel van Wijsheid
De Heilige Geest heeft met Haar een volmaakte Mystieke Bruiloft gesloten en Zich totaal in Haar uitgestort.

Maria onderricht:

 God is almachtig van nature. Ik ben almachtig in de orde der Genade, omdat Mijn volmaakte eenheid met de Goddelijke Wil Mij de macht heeft geschonken dat geen enkel van Mijn woorden zonder uitwerking blijft. Ik heb deze macht van God ontvangen voor de eeuwigheid. Het zou echter in strijd zijn met de Wet der Gerechtigheid indien Ik deze macht zou hebben gekregen zonder enige bijdrage te leveren tot de verwezenlijking van Gods Plan met de zielen. Vele zielen verwachten alles van God, of van Mij, zonder een speciale inspanning te leveren om zichzelf te laten groeien in de deugd. Een ziel kan niet heilig worden door passief afwachten van de instorting van Genaden van Gods wege.
Bekijk een bloem. Indien je een bloem van buitenaf zou besprenkelen met parfum, zou zij de geur van dit parfum verspreiden. Dit effect zou echter kortstondig zijn. Een bloem maakt haar eigen parfum op grond van de gaven die zij van God ontvangt, door deze gaven, die zij uit de bodem haalt, op een bijzondere wijze in zich te verwerken en aldus stoffen aan te maken die typisch zijn voor die bepaalde bloemsoort. Hieruit maakt zij het parfum dat zij dan uit zichzelf verspreidt. Zo moet het ook gebeuren in de ziel: zij moet Gods gaven in zich opnemen en verwerken om ze dan “om te zetten” tot heiligheid. Indien God haar de heiligheid in afgewerkte vorm zou opdringen, zou zij daarvan geen nut hebben, omdat zij deze niet zelf in zich verwerkt heeft. Zij zou bovendien geen enkele verdienste kunnen voorleggen, zodat haar heiligheid een kleed zonder vulling zou zijn.
Zeg de zielen dat zij aan Mijn voeten smeken om de grondstoffen voor hun heiliging, en om de kracht om deze grondstoffen door eigen inspanningen en beproevingen te bewerken tot ware heiligheid. Ik ben de Zetel van Wijsheid. De Heilige Geest heeft met Mij een volmaakte Mystieke Bruiloft gesloten en Zich totaal in Mij uitgestort. De bloem van Mijn ziel heeft deze versmelting in zich verwerkt door een totale openheid en een totale overgave. Elk ogenblik van Mijn aardse leven heb Ik deze gaven dieper en dieper in Mij wortel laten schieten door een betrachting van de volmaakte stroming van de Liefde in en doorheen Mijn ziel. Volmaakte doorstroming van de Liefde betekent totale aanvaarding van elke beproeving, zonder verzet, zonder protest, in dankbaar besef dat de kruisen elke dag opnieuw de ziel voeden met grondstof tot haar heiliging. Heiligheid is volkomen vrijheid van de ziel. Bedenk dus dat de ziel haar eigen bevrijding koopt met de inspanningen om de Ware Liefde in zich tot volmaaktheid te laten komen. God voorziet, Ik verdeel, en de ziel neemt op. Uit deze volmaakte doorstroming wordt de heiliging geboren.
Hoe kan de bloem van de ziel de aanmaak van het parfum van de heiligheid op gang brengen en in stand houden? Zij zal dit slechts kunnen zolang zij geworteld blijft in bodem die haar de Goddelijke grondstoffen blijft leveren. De rijkste door God hiertoe voorziene bodem ben Ik, de Meesteres van de zielen. God heeft Mij aan de zielen gegeven als voedingsbodem. Zeg de zielen dat zij zich totaal aan Mij geven. Indien een bloem haar wortel zou opsplitsen, en één of meer delen ervan zou losmaken van de bodem, zou zij spoedig verzwakken en geen parfum meer aanmaken.
Zo ook gebeurt het met zielen die hun wortel niet onverdeeld met Mij in aanraking willen laten komen of die slechts ten dele tot Mij naderen. De Allerhoogste schenkt Zijn gaven in veel grotere veelzijdigheid aan de zielen die Mij tot voedingsbodem aanvaarden. Ik herhaal: Mij is alle macht gegeven. Indien méér zielen dit mochten erkennen en aanvaarden, en zich in nederigheid aan Mij zouden onderwerpen, zouden zij de schatten van het Ware Geluk vinden, die zij nu vruchteloos najagen.
Ik ben de Zetel van Wijsheid, de Troon van de Heilige Geest. Een troon is een symbool voor de plaats vanaf dewelke macht wordt uitgeoefend. De Heilige Geest oefent Zijn herscheppende macht op volmaakte wijze uit via Mij. Hij doet dit slechts omdat Ik volmaakt één ben met Hem. Hij heeft aan Mij Hemelse Bruiloft voltrokken, en heeft al Zijn goederen en al Zijn vermogens met Zijn Bruid gedeeld. Hij leeft en heerst als Goddelijk Persoon, en ook Zijn Bruid leeft en heerst, als Meesteres over al Zijn goederen en vermogens. Voor de Goddelijke Personen zijn alle handelingen die Ik stel en alle woorden die Ik spreek, als door God gestelde handelingen en door God gesproken woorden. Zij maken geen enkel onderscheid tussen Hun eigen optreden en het Mijne. Ik ben Hun Volmachtdraagster.
Ik heb de macht om jegens de zielen bindende besluiten te treffen. Dit betekent dat alle zielen, die van nature Gods slaven genoemd kunnen worden, in de orde der Genade Mijn slaven zijn. Alle zielen zijn jegens Mij onderwerping en gehoorzaamheid verschuldigd zoals zij dit jegens God Zelf zijn. Ik ben gezonden om deze Waarheid te verkondigen. Elke ziel zal deze Waarheid in haar volle diepgang en omvang vernemen in het uur van haar oordeel. Zalig zij echter, die deze Waarheid in zich opnemen terwijl zij nog in de wereld zijn, en er naar handelen. Ik ben de Troon vanaf dewelke de Heilige Geest alle gaven en Genaden laat uitstromen. Ik ben aldus de Zetel van Gods regering. Bedenk, dat de Allerhoogste Zijn allerheiligste schatten slechts in bewaring kan geven aan een ziel die de zuiverheid en heiligheid bezit om deze schatten ongeschonden in zich op te nemen. Precies daarom moeten de zielen Mij benaderen als de hoogst verhevene der zielen.
Ik benadruk dat de zielen moeten begrijpen dat van hen wordt verwacht dat zij voor Mij knielen als de Schatbewaarster van alles wat Goddelijk is, en dus eveneens als de Schatbewaarster van alle zielen, want elke ziel is draagster van een element van de Godheid. Laat de zielen al hun beproevingen en al hun verdiensten aan Mij in bewaring geven, want alles wat zij op aarde ervaren en weten te verwezenlijken, kan voorwerp worden van heiliging. Dat kan alleen voltrokken worden indien zij alles aan Mij geven in volkomen toewijding en diepe onderwerping. Ik ben de machtige Meesteres van de zielen. Ik heb alle macht over het eeuwig lot van elke ziel”.
BRON: uit de onderrichtingen van het Maria Domina Animarum apostolaat: (zie openbaringen: juni 2006)


“Maria
 benadrukt dat de zielen moeten begrijpen dat van hen wordt verwacht dat zij voor Haar knielen als de Schatbewaarster van alles wat Goddelijk isen dus eveneens als de Schatbewaarster van alle zielen.”